Het volgende voorbeeld toont een toestel dat naar buiten belt op een analoge transmissielijn:
-
Toestel 210 kiest 8123456789.
-
De tracering toont Toestel = 210, Gekozen cijfer, cijfer = 8.
-
Het systeem brengt de gekozen 8 in overeenstemming met sneltoetsfunctie 8N van het systeem.
-
De tracering toont dat de analoge netlijn 4 bezet is en dat 123456789 op de lijn is gekozen.
-
De tracering toont dat toestel 210 weer op de haak wordt gelegd.
-
Het systeem verbreekt de oproep.
Note:
-
Analoge lijnen leveren geen voortgangssignalen voor oproepen. Ze gaan daarom direct van de status 'bezet' naar de status 'verbonden'.
-
De tracering toont niet welke cijfers worden gekozen op een analoge netlijn na het in overeenstemming brengen met de sneltoetsfunctie als de pauze tussen de gekozen cijfers langer duurt dan een 'tussencijfer' time-out.